Over enkele weken moet ik weer aan het werk. Alles leek in kannen en kruiken. De opvang is geregeld, kolftijd op het werk staat ingepland, ik ben aan het kolfapparaat gewend en de melkvoorraad staat klaar in de vriezer. Alleen… Femke blijkt een echte flesweigeraar te zijn! We zijn al vroeg begonnen met het eerste flesje. Twee flesjes in de week. Niet te veel, want dat was de kans groot dat ze de borst zou weigeren. Dat begon prima. Femke tankte haar melk zo weg, niet aan het handje (alles in het maagje
).
Omdat ik bang was dat ik misschien het kolven niet vol ging houden, besloten we haar ook aan flesvoeding te laten wennen. Just in case. Vanaf dat moment (?) begon ze de fles steeds minder lekker te vinden. Achteraf bleek dat dat ook de tijd is dat bij baby’s de zuigreflex niet meer automatisch werkt en dat ze dus zelf gaan kiezen of ze iets wel of niet in hun mond willen hebben. Wij gooiden het er echter op dat ze de flesvoeding niet lekker vond en maakten ons niet echt zorgen. Het kolven liep ondertussen prima, dus ze kon gewoon moedermelk in een flesje krijgen.
Ik heb vorige week met de kids bij Johans ouders gelogeerd. In die week kwam er niets van het kolven en borstvoeding leek makkelijker dan flesvoeding, dus Femke werd verwend met melk die rechtstreeks uit de tap kwam. Maar deze week moest het er toch echt weer van komen. Enthousiast geeft Johan Femke een flesje met moedermelk, maar ons dametje weigert elke medewerking. Help! De ochtend daarna hebben we het nog eens geprobeerd, maar ze ging er gewoon van kokhalzen! Help, help!
Op advies van het consutlatiebureau en een lactatiekundige passen we nu enkele tips toe. Moedermelk in een speciale ‘breastflow’ fles (jawel, weer een ander flesje!), de speen verwarmen we voor en dopen we even in de melk, zodat het die geur en smaak heeft, haar lippen maken we nat met melk en dan geven we haar de fles. Maar ons dametje laat zich niet foppen! De enige vooruitgang die we tot nu toe geboekt hebben is, dat ze wel de speen in haar mond wil hebben, maar verder doet ze niets. Het moet dan ook niet te lang duren, want dan gaat ze weer kokhalzen.
Ik weet dat we het nu pas twee keer op deze manier hebben geprobeerd en dat ze moet wennen. Maar bij mij slaat de paniek toch wel toe. Ik moet binnekort weer werken en dan? Ik hoop dat ze binnen die tijd toch echt uit een flesje wil drinken. Johan is positief en prent me in dat het vanzelf komt. Dat geloof ik ook wel, maar lukt het op tijd? En wat als mijn borstvoeding terug loopt? Mijn verstand weet wel dat het niet helpt als ik me er ongerust over maak. Het verandert niets aan de stituatie en maakt het misschien alleen nog maar lastiger. Op het internet blijkt dat dit een veelvoorkomend probleem is. Dat geeft de burger moed. Voor mijn geruststelling zal ik mijn dilemma in ieder geval op mijn werk voorleggen. Misschien is er een oplossing voor het geval we deze uitdaging niet op tijd onder de knie hebben?! Ik hoop het, want van het doemscenario wordt ik niet echt vrolijk. Tot die tijd blijven we proberen. Geduld, geduld… Er zit gelukkig wel een zonnig randje aan… Femke vindt het in ieder geval wel fijn om bij haar mama te eten!